Start.nl - deel 2

Hoofdstuk 1

Grammatica

Oefening 4

Maak zinnen. Gebruik zijn + aan het + infinitief.
Klik op '[?]' als je het antwoord niet weet. Deze knop toont het goede antwoord.

Als je klaar bent met de oefening klik je op 'controleer' om je antwoorden te controleren.

Voorbeeld:
Ik fiets.
Ik ben aan het fietsen.

1. Ik wandel door de heuvels.
.

2. Hij beklimt de Martinitoren.
.

3. Ze bezoeken de grotten.
.

4. We maken een boottocht.
.

5. Zij bekijkt het monument.
.

6. We maken een stadswandeling.
.