Start.nl - deel 2

Hoofdstuk 5

Oefening 1

Vul de goede prepositie in.
Klik op 'extra letter' of op '[?]' als je het antwoord niet weet. Let op: de knop '[?]' toont het goede antwoord.

Als je klaar bent met de oefening klik je op 'controleer' om je antwoorden te controleren.

1. Dat is mij veel te duur.

2. Je moet eens wat sport gaan doen.

3. Hij gaat drie keer week naar de sportschool.

4. Ik ga volgende week Italië.

5. volgende maand moet je met mij gaan rennen.

6. Ik betaal veertig euro maand.

7. Nee, niet volgende week, maar twee weken.

8. Hij gaat iedere dag haar rennen.