Hoofdstukken
Vraag en antwoord zinsmelodie
Neem de oefening voor jezelf op, bijvoorbeeld met je telefoon. Vergelijk je opname met het voorbeeld. Niet tevreden? Doe de oefening nog een keer.
Herhaal de vraag met de intonatie van een gewone zin.
Voorbeeld:
De hond? > De hond.
> Dat valt wel mee?
> Vanaf volgende maand?
> En muziek luisteren?
Nu andersom: herhaal de zin met de intonatie van een vraag.
Voorbeeld:
In de supermarkt. > In de supermarkt?
> Goed idee.
> Met de fiets.
> Het kan vandaag nog.
Oefen de zinsmelodie ook met de routines.