Zelftoetsen
- Hoofdstuk 1
- Hoofdstuk 2
- Hoofdstuk 3
- Hoofdstuk 4
- Hoofdstuk 5
- Hoofdstuk 6
- Hoofdstuk 7
- Hoofdstuk 8
- Hoofdstuk 9
- Hoofdstuk 10
- Hoofdstuk 11
- Hoofdstuk 12
Vul de juiste vorm van het verbum in. Je kunt kiezen uit:
in staat stellen – meevallen – te rade gaan – geen zin hebben – waar voor je geld
in staat stellen – meevallen – te rade gaan – geen zin hebben – waar voor je geld