Oefeningen
- Oefening 3.1 – Betrekkingsniveaus van een boodschap
- Oefening 3.2 – Interpretatie van een therapiegesprek zonder geluid
- Oefening 3.3 – Interpretatie klachtenpresentatie in de eigen taal
- Oefening 3.4 – Communicatie zonder taal
- Oefening 3.5 – Interpuncties in gedragscirkels
- Oefening 3.6 – Complementair en symmetrisch
- Oefening 3.7 – Positieve connotaties
- Oefening 3.8 – Onze (on)gemakkelijke Nederlandse taal
- Oefening 3.9 – Luisteren naar taal
- Oefening 3.10 – Klemtoonoefening
- Oefening 3.11 – Omgaan met aan het Nederlands verwante talen
- Oefening 3.12 – Kernachtig uitdrukken
- Oefening 3.13 – Cultuurkennis
- Oefening 3.14 – Van persoon naar cultuur; van ik naar wij
- Oefening 3.15 – Van lineair naar circulair denken
- Oefening 3.16 – Ode aan de andere kant
- Oefening 3.17 – De vreemde ander
- Oefening 3.18 – Vastgelopen casus
- Oefening 3.19 – Klachten plaatsen in het hele interactionele veld van de cliënt