Ouderschap omvat naast het opvoeden ook een partnerrelatie, sociale contacten en financiële zaken.
Ouderschap omvat naast het opvoeden ook de (geestelijke) gezondheid.
Ouderschap omvat naast het opvoeden ook het plannen en organiseren van zorg, werk en vrije tijd.
A, b en c zijn juist.
Welke bewering over ouderschap en opvoederschap is juist?
Ouderschap is een rol.
Ouderschap kan niet overgenomen worden door een ander.
Opvoederschap wordt door ouders hetzelfde ervaren als ouderschap.
A, b en c zijn juist.
Meer dan 95 procent van de Nederlandse moeders en vaders rapporteert tevreden te zijn over het verloop van de opvoeding. Tegelijkertijd geeft de helft van de ondervraagde moeders en iets meer dan de helft van de ondervraagde vaders aan het ouderschap moeilijker te vinden dan van tevoren gedacht. Wat vinden ouders het moeilijkst?
De zwangerschap
De adolescentie
De gehele opvoeding, vanaf de zwangerschap tot het kind uit huis gaat
Het kind loslaten
Nomaguchi en Milie (2003) definiëren ouderschap als een ervaring waarbij ouders een transformatie ondergaan die gepaard gaat met een unieke combinatie van stress en beloning. Bij welke theorie sluit dit aan?
Piaget
Pavlov
Levensloopontwikkelingstheorie van Erikson
Leertheorie
Wat kan uit theorieën geconcludeerd worden over ouderschap?
Er is meer aandacht nodig voor de beleving, de levensvaardigheden en het welzijn van ouders.
Vanwege de grote veranderingen in de jeugdzorg waarbij gemeenten verantwoordelijk worden voor het begeleiden, behandelen en beschermen van de jeugd zal van de professional een oudergerichte kijk gevraagd worden.
Op ouders wordt een groot beroep gedaan om de regie van hun leven en dat van hun kinderen in eigen hand te nemen en te zorgen voor een sterk netwerk. Hierin schuilt een risico, want er wordt al zo veel verwacht van ouders.
A, b en c zijn juist.
Waarop doelt Gravesteijn als ze spreekt van ‘een verwarrend beeld voor ouders en voor professionals die met ouders werken’ (p. 85)?
Sommige studies geven aan dat ouders gelukkiger zijn dan niet-ouders, terwijl andere onderzoeken het tegenovergestelde laten zien.
In wetenschappelijke artikelen staat dat kinderen strenger opgevoed moeten worden, terwijl in krantenartikelen het tegenovergestelde wordt beweerd.
Een artikel betoogt dat met onderhandelen meer te bereiken valt, terwijl de wetenschap dit tegenspreekt.
A, b en c zijn juist.
Gravesteijn beschrijft de zes fasen van Galinsky. Welke van onderstaande punten vallen onder de taken van de ouder in de autoriteitsfase?
Het accepteren van de eigen autoriteit over het kind.
Het hebben van realistische verwachtingen van het kind.
A en b zijn juist.
A en b zijn onjuist.
In welke leeftijdscategorie speelt de interpretatiefase zich af?
Van de zwangerschap tot het kind ongeveer 1 tot 1,5 jaar oud is
Van 1,5 tot 4 jaar
Van 4 tot 12 jaar
Van 12 tot 18 jaar
Voor professionals die met ouders werken is het belangrijk om rekening te houden met factoren die een effectieve bijdrage leveren aan het bevorderen van welzijn van ouder en kind. Wat bevordert dit welzijn?
Kennis over de ontwikkeling van ouders en kinderen draagt bij aan welzijn van ouder en kind, omdat ouders hiermee worden voorbereid op het ouderschap en kunnen anticiperen op en beter omgaan met problemen en moeilijke situaties in het ouderschap.
Wanneer ouders een duidelijk beeld hebben van veelvoorkomende ouderlijke gevoelens, gedachten en gedragingen, kunnen zij dagelijkse problemen binnen het ouderschap beter begrijpen en oplossen.
A en b zijn juist.
A en b zijn onjuist.
Aan welke vorm van steun geven ouders de voorkeur?
Ouders ervaren vooral informele sociale netwerken als steun, bijvoorbeeld van familie, vrienden en buren.
Ouders geven de voorkeur aan steun van formele instanties.
Ouders hebben geen ondersteuning van vrienden en buren nodig. Dit ervaren zij als falen.