Nederlands in actie

Extra opdrachten

Hoofdstuk 6

Preposities - Opdracht 1

Kies de juiste prepositie.

Als je het antwoord niet weet, kun je op ‘hint’ klikken.
Klik op ‘controleer’ als je klaar bent.

Vul in: aan – over – in

1. Is 112 het nummer dat je belt noodgevallen?

2. Ik zou er niet beginnen, zei iedereen tegen me toen ik verliefd werd op een man in Australië.

3. drie weken ga ik op vakantie naar mijn familie in Turkije.

4. Conflicten partnerkeuze zijn internationaal.

5. Ik had niet de gaten dat zij me leuk vond.

6. Mark besteedt te weinig tijd zijn gezin, vindt hij.

7. De studenten in het studentenhuis naast me zitten elke avond het bier!

8. Heb jij een mening het homohuwelijk?

9. het belang de kinderen zijn ze naar een dorp verhuisd.

10. Ik vind dat hij te snel oordeelt mensen met kinderen die gaan scheiden.

11. Het is die cultuur gebruikelijk dat de zonen tot hun dertigste bij hun ouders blijven wonen.