Nederlands in actie

Uitspraak- en verstavaardigheid

Hoofdstuk 1 - Opdracht 2


Fragment opdracht 2

Welk woord in de zin krijgt het meeste accent?

  1. Dat ligt mij niet zo. 
     
  2. Ik heb er zin in.
     
  3. Daar ben ik gek op. 
     
  4. Daar heb ik een hekel aan. 
     
  5. Daar gaat het mij niet om.
     
  6. Dat zie ik niet zitten.
     
  7. Dat zie ik niet zitten.
     
  8. Daar geef ik liever geen antwoord op. 
     
  9. Daar geef ik liever geen antwoord op.
     
  10. Dan houd ik het voor gezien. 
     
  11. Dan houd ik het voor gezien.