Uitspraak- en verstavaardigheid
Hoofdstuk 3 - Opdracht 3
Fragment opdracht 3
Zeg de volgende zinnen na.
- Oh, ik was zo bang.
- Ik ben nog nooit zo angstig geweest.
- Daar word ik verschrikkelijk chagrijnig van.
- Ik word zo triest van dit weer.
- Ik ben wel heel erg teleurgesteld.
- Jeetje, ik ben ontzettend trots op je.
- Goh, wat een verrassing!
- Hè, wat ben ik opgelucht!
- Oh, ik ben zo blij.
- Ik voel me vandaag hartstikke vrolijk.
- Daar ben ik wel heel verbaasd over.
- Ik ben wel erg zenuwachtig.