Nederlands in gang

Chapter 13

Zet deze zinnen in het perfectum. Kijk eerst in Bijlage 3 of het werkwoord misschien onregelmatig is. Klik als je alles hebt ingevuld op Controleer opdracht.
Klik op '[?]' als je het antwoord niet weet. Deze knop toont het goede antwoord.

1 Ze begrijpen ons niet goed.
Ze ons niet goed .

2 Jullie hebben geluk!
Jullie geluk !

3 We lachen erg om die film.
We erg om die film .

4 We lopen naar het centrum.
We naar het centrum .

5 Ik mis je!
Ik je !

6 Onze hond komt onder een auto.
Onze hond onder een auto .

7 We praten over allerlei dingen.
We over allerlei dingen .

8 Hij studeert in New York.
Hij in New York .

9 Ik doe mijn jas niet uit.
Ik mijn jas niet .

10 We wandelen in het park.
We in het park .

11 Ik vergis me.
Ik me .

12 We zwemmen elke dag.
We elke dag .