Nederlands in gang

Chapter 18

Wat hoort bij elkaar? Zoek de items in de linkerkolom bij die uit de rechterkolom. Klik als je alles hebt ingevuld op Controleer opdracht.
Ik wil graag een auto huren in Amerika. Ik heb dan een internationaal ___nodig.
Mijn oma heeft geen paspoort, maar wel een ___.
Hij wil ___ bij de politie omdat zijn fiets gestolen is.
De ___ van mijn jas is kapot. Kun jij hem maken?
Ik weet hoe de ___ eruitziet; ze had grijs kort haar en een bril.
Mijn ouders willen graag dat ik een ___ open in Nederland, zodat ze geld op mijn rekening kunnen zetten.
Mijn fiets is kapot en omdat ik een beetje ___ ben, breng ik hem naar de fietsenmaker.
Ik kan geen geld halen, want ik heb mijn ___ van de bank niet bij me.
Ik ben mijn ___ kwijt, heb je € 1,75 voor mij, voor een kopje koffie?
Er is vandaag ___ op regen.