Nederlands in gang

Chapter 9

Vul de juiste vorm van het werkwoord in. Klik als je alles hebt ingevuld op Controleer opdracht.
Klik op '[?]' als je het antwoord niet weet. Deze knop toont het goede antwoord.

1 gebruiken
Ik heb de lepel niet .

2 vertellen
Wat heeft hij jou ?

3 begroeten
Ze hebben me nog niet .

4 verhuren
De makelaar heeft het huis aan iemand anders .

5 bekijken
We hebben drie huizen .

6 beginnen
Hoe laat ben je gisteren ?

7 bestellen
Zij heeft een cola voor hem .

8 verstaan
Sorry, ik heb uw naam niet .

9 betalen
Ik heb alles al .

10 vergeten
Ik ben mijn agenda .