Volgende Vorige Interactieve oefeningen Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 Hoofdstuk 6 Hoofdstuk 7 Hoofdstuk 8 Vul in. Let op de goede vorm.gemotiveerd – proactief – doorzettingsvermogen – samenwerken – stressbestendig – initiatief nemen – flexibel – zelfstandig – ondernemend – communicatief Amel wacht niet tot haar collega vraagt of ze iets wil doen. Ze ziet zelf welk werk er gedaan moet worden. Ze . Shaza heeft zelf een nieuwe taal geleerd. Dat was niet altijd makkelijk. Toch bleef ze doorgaan. Ze heeft . Shaza werkt meestal overdag. Soms vraagt haar baas of ze ’s avonds wil werken. Dat vindt ze geen probleem. Ze is . Hakim wil taxichauffeur worden. Hij droomt van een eigen bedrijf. Hij is . Ik houd ervan om samen met andere mensen plannen te maken. Ik kan goed . Als je een eigen bedrijf hebt, neem je zelf beslissingen. Je bent . Het is mooi weer. De café-eigenaar denkt dat er ’s middags veel mensen op het terras komen zitten. Hij belt ’s morgens om extra personeel te regelen. Hij is . Paula wil de baan heel graag. Dit werk doet ze het liefst. Ze is . Als ICT’er moet je goed luisteren naar de problemen die mensen hebben met de computer. Je moet vragen stellen, zodat je goed weet welke oplossing er moet komen. Je moet zijn. Soms gebeuren er tien dingen tegelijk op mijn werk. Ik moet de telefoon opnemen, een collega komt mijn kantoor binnen met een vraag en er staat een klant aan de balie. Ik blijf rustig en kies wat ik het eerste doe. Ik ben . Controleer Oké