Recht lezen 1

Woordenschat

Maak de vragen.
Vul het juiste voorzetsel in.
  1. gebonden zijn
  2. een punt zetten
  3. gekend zijn
  4. haaks staan
  5. inherent zijn
  6. met inachtneming
  7. op vordering
  8. ten behoeve
  9. zich verdragen
  10. zich vinden