Rekenen en wiskunde uitgelegd

11 Driedeurenquiz

In de driedeurenquiz wordt de winnaar geconfronteerd met drie dichte deuren. Achter een van de deuren staat een auto (of een ander waardevol voorwerp), achter de andere twee een geit (of een ander voorwerp van ‘lage’ waarde). De winnaar mag een deur aanwijzen, en krijgt als prijs datgene wat zich achter die deur bevindt. Als de deelnemer een deur heeft aangewezen (maar nog niet opent), opent de presentator een van de andere twee deuren, waarachter een geit blijkt te staan. De presentator geeft de deelnemer dan de keus: hij mag wisselen van deur, of bij zijn eerste keus blijven. Wat moet de deelnemer doen? Kan hij beter wisselen van deur, of maakt het niets uit? Is de kans op het winnen van de auto groter als de deelnemer van deur wisselt?