In de startblokken

Hoofdstuk 12

Vul het juiste woord in. Klik als je alles hebt ingevuld op Controleer opdracht.
Klik op '[?]' als je het antwoord niet weet. Deze knop toont het goede antwoord.

Kies uit:

beneden – herkennen – vanaf – bekend – zeker – boven – net – te – volgen – vanzelf

1 Ik ben hier nog nooit geweest. Ik ben hier niet .
2 Kan ik dat stuk lopen of duurt dat lang?
3 Het is een interessante beurs.
4 De beurs is open 11.00 uur.
5 Aan het einde van de straat is een fietsenmaker. U ziet hem .
6 ‘Waar kan ik deze kleding passen?’ ‘De paskamers zijn . U kunt daar de trap op.’
7 ‘Waar ben je nu? Ik kan je niet vinden.’ ‘Ik sta bij de .’
8 Hé Tom! Wat toevallig! Ik heb je gebeld.
9 Hé Marit! Ik je bijna niet. Je hebt nu blond haar! Het staat je goed.
10 U kunt deze straat . Dan komt u bij het restaurant.