In de startblokken

Hoofdstuk 14

Geef een reactie of maak de zin compleet. Gebruik zullen (waarschijnlijkheid) + wel en de woorden tussen haakjes. Klik als je alles hebt ingevuld op Controleer opdracht.
Klik op '[?]' als je het antwoord niet weet. Deze knop toont het goede antwoord.

1 Koop je een jaarabonnement? – Ja, een jaarabonnement ___ (goedkoper).
Ja, een jaarabonnement .

2 Weten jullie waar Thorsten is? – Hij ___ (ziek).
Hij .

3 Zijn de buren niet thuis? – Nee, ze ___ (op vakantie).
Nee, ze .

4 Je houdt ook van hiphop, hè? Ik heb hier een nieuwe cd met hiphopnummers. Je ___ (cd, leuk vinden).
.

5 Mijn computer is kapot! – Vincent ___ (helpen), hij is erg technisch.
Vincent , hij is erg technisch.

6 Wat is het donker! – Ja, het ___ (gaan regenen).
Ja, het .

7 Komt Martina met de auto of met de trein? – Ze ___ (met de trein).
Ze .

8 Ik kon bijna niet uit de trein komen. Er stonden heel veel mensen voor de ingang. – Ja belachelijk, dat ___ (typisch Nederlands).
Ja belachelijk, dat .

9 Kun je me zeggen waar de Kerkstraat is? – De Kerkstraat ___ (in het centrum).
De Kerkstraat .

10 Ik wil graag meedoen aan het buikspierkwartier. Ik ga op tijd want ___ (druk zijn).
Ik ga op tijd want .