Hoofdstuk 2
Luisteroefening
Luister naar de zinnen en zeg ze na.
1. Sla de bal over het net.
2. Raak de bal niet met je hand.
3. Gooi de bal naar een andere speler.
4. Geef je tegenstander een hand.
5. Loop naar de andere kant van het veld.
6. Vang de bal met je handen.
7. Stop de bal met je stick.
8. Ren naar de overkant van het veld.
9. Kijk goed naar de scheidsrechter.
10. Probeer de bal te raken.