Volgende Vorige Hoofdstuk 3 Woorden Spelling Grammatica Uitspraak Toets Examen Oefening 1 Oefening 2 Bijvoeglijk naamwoord - Gatenoefening Zet het bijvoeglijk naamwoord tussen haakjes in de goede vorm. Klik op 'controleer' als je klaar bent. 1. Voor mijn huis is een [?] straat. (druk)2. Tegenover het winkelcentrum is er een [?] parkeergarage. (groot)3. We wonen in een [?] buurt. (prima)4. Ze hebben een [?] huis in het centrum van Amsterdam. (oud)5. Voor het raam hangen [?] gordijnen. (mooi)6. Achter het huis is een [?] tuin. (diep)7. Ze woont op de bovenste verdieping van een [?] flatgebouw. (hoog)8. Je moet door een [?] deur naar binnen lopen. (open) controleer hint OK