Vorige 7 De zinsbouw Oefenen Animaties Kaartjes en ander materiaal Deel 7.1 Deel 7.2 Deel 7.3 Deel 7.4 Deel 7.5 Deel 7.6 Conjuncties en signaalwoorden I Conjuncties en signaalwoorden II Waar moet de conjunctie staan? Waar moet de conjunctie staan? Zet de conjunctie op de goede plaats. 1. (echter) .2. (nadat) .3. (immers) .4. (doordat) .5. (bovendien) .6. (daarom) .7. (maar) .8. (daarna) .9. (voordat) .10. (vooral) . controleer oké