Start.nl - deel 2

Hoofdstuk 4

Het imperfectum

Oefening 3

Zet de volgende zinnen in het imperfectum.
Klik op ‘[?]’ als je het antwoord niet weet. Deze knop toont het goede antwoord.

Als je klaar bent met de oefening klik je op 'controleer' om je antwoorden te controleren.

1. Ik woon in een mooi appartement.
.

2. We hebben een groot balkon.
.

3. Hij verhuist naar Amsterdam.
.

4. Ze fietst van haar huis naar haar werk.
.

5. We kleden ons aan.
.

6. Ik ontmoet hem iedere week.
.

7. We luisteren naar het concert.
.

8. Hij kookt in de keuken.
.

9. Ze zijn in de slaapkamer.
.

10. Ik ken het adres.
.