Start.nl - deel 2

Hoofdstuk 3

Grammatica

Oefening 3

Maak een zin met de woorden.
Klik op ‘[?]’ als je het antwoord niet weet. Deze knop toont het goede antwoord.

Als je klaar bent met de oefening klik je op 'controleer' om je antwoorden te controleren.

Voorbeeld:
ik – staan – kip bakken
Ik sta kip te bakken.

1. hij – staan – spaghetti koken
.

2. we – zitten – aardappels schillen
.

3. de serveerster – lopen – wijn inschenken
.

4. mijn vader – liggen – een sigaret roken
.

5. de kok – zitten – melk toevoegen
.

6. ik – lopen – recepten zoeken
.