Volgende Vorige Zelftoetsen Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 Hoofdstuk 6 Hoofdstuk 7 Hoofdstuk 8 Hoofdstuk 9 Hoofdstuk 10 Hoofdstuk 11 Hoofdstuk 12 Opdracht 1 Opdracht 2 Opdracht 3 Opdracht 4 Opdracht 5 Opdracht 6 Vul de juiste vorm van het reflexief pronomen of het reciprook pronomen in. 1 De architecten schrijven in voor de ontwerpwedstrijd.2 Ze wensen veel succes.3 Maar ze helpen niet.4 Zij wil onderscheiden met een uniek ontwerp.5 Wij interesseren voor haar idee. 6 Jullie verbazen over de uitvoering van het design.7 Het lijkt of hij heeft vergist in de hoogte van de ruimte.8 We kunnen niet zo goed horen.9 Elke dag ergeren jullie aan de steile trappen.10 En ik erger aan het kleurgebruik. controleer oké