Nederlands in actie

Extra opdrachten

Hoofdstuk 7

Vocabulaire - Opdracht 2

Maak de zinnen compleet door een woord in te vullen.

Als je het antwoord niet weet, kun je op ‘hint’ klikken.
Klik op ‘controleer’ als je klaar bent.

Kies uit: aanzienlijk - administratie – benenwagen – bescheiden – gezien – handel – ontslag – schaamte – verzekeraar – zorgvuldig

1. Je moet je kleren controleren voordat je ze in de wasmachine doet. Als je rode kleren bij de witte was doet, wordt alles roze.

2. Ik vind het heel vervelend om de te doen. Ik betaal mijn rekeningen daarom altijd op een vaste dag in de maand.

3. Een deel van de Nederlandse jeugd heeft weleens geld geleend: 65 procent.

4. De angst en wanhoop onder de werknemers waren groot toen ze kregen.

5. De in tweedehands auto’s is een beetje afgenomen het laatste halfjaar.

6. Ze heeft een salaris, maar gaat wel vier keer per jaar op vakantie. Hoe doet ze dat?

7. Ik denk dat je nu beter niet veel geld kunt lenen, de slechte economische situatie.

8. Ik neem vandaag de , dat is veel beter dan altijd in de auto zitten en dan ben ik ook lekker buiten.

9. Ik heb bij mijn gevraagd of het waar is dat er in Nederland een regenverzekering bestaat.

10. De bij mensen met financiële problemen is soms zo groot dat ze geen hulp vragen.