Hoofdstuk 6
Geletterdheid: schrijven
Aan bod komen:
- actueel en recent
- algemene literatuur over schrijven
- (over) digitale werkvormen
- relevante websites
Actueel en recent
Monica Koster, Renske Bouwer en Huub van den Bergh hebben hun onderzoek naar nieuwe didactische maatregelen voor schrijven afgerond. Tevens hebben ze onderzoek gedaan naar nieuwe mogelijkheden om schrijfproducten adequaat te beoordelen.
- Meer informatie is te vinden op de website van dit schrijfproject: www.tekster.nl
Norden, S. van (2018). Iedereen kan leren schrijven, schrijfplezier en schrijfvaardigheid op de basisschool. Bussum: Uitgeverij Coutinho.
- In deze publicatie beschrijft de auteur diverse maatregelen om de schrijfvaardigheid een plek te geven in het onderwijs die het verdient. Er is speciale aandacht voor de motiverende schrijfactiviteiten. De auteur is van mening dat schrijflessen beschouwd dienen te worden als complete taallessen.
Pompert, B. (2017). Lezen en schrijven doe je samen. Een ontwikkelingsgerichte didactiek voor het lezen en schrijven in groep 3 en 4. Assen: Van Gorcum.
- Op basis van de zogenoemde ontwikkelingsgerichte didactiek worden allerlei praktische adviezen gegeven voor de zich ontwikkelende lezer en schrijver. De nadruk ligt daarbij op groep 3 en 4, maar ook aan de daarvoor liggende kleuterperiode wordt aandacht geschonken.
Algemene literatuur over schrijven
Beek, W. van & Verhallen, M. (2004). Taal een zaak van alle vakken. Bussum: Uitgeverij Coutinho.
- Informatie over het schrijvend leren, niet alleen bij taal maar ook bij zaakvakken.
Bochardt, I. (2002). Cognitief-psychologisch onderzoek van Flower en Hayes. Tussenstand – 25 jaar. Tijdschrift voor Taalbeheersing (pp. 1-20). Assen: Van Gorcum.
- Hier vind je meer informatie over de cognitieve uitwerking voor schrijven. De theorie is ontleend aan de inzichten van Flower en Hayes. Bochardt licht het schema toe en werkt het belang voor de schrijfdidactiek uit.
Bosman, A. & Schraven, J. (2008). Lezen en spellen. Zo leer je kinderen lezen en spellen. Tijdschrift voor Remedial Teaching, 2008 16/1, 26-29.
- Een effectieve methodiek om kinderen te leren spellen, op basis van onderzoek waaruit bleek dat driekwart van de leerlingen in het speciaal basisonderwijs een achterstand heeft bij lezen en spellen.
Bus, A. (1992). Ontluikende geletterdheid. In Handboek lees- en schrijfdidactiek: Functionele geletterdheid in basis- en voorgezet onderwijs (pp. 44-55). Amsterdam/Lisse: Swets & Zeitlinger.
- In dit artikel worden de fasen van de ontluikende geletterdheid beschreven en voorzien van veel praktische voorbeelden.
Claessens, M. (2008). De Springprocessie: Levendige lessen in zakelijk schrijven. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.
- De eigen schrijfvaardigheid van de (taal-)leraar is een belangrijke voorwaarde om leerlingen effectief te kunnen helpen. Met suggesties over hoe op de opleiding de schrijfvaardigheid bevorderd kan worden.
Elsäcker, W. van & Verhoeven, L. (2001). Interactief lezen en schrijven: Naar motiverend lees- en schrijfonderwijs in de midden- en bovenbouw van het basisonderwijs. Nijmegen: Expertisecentrum Nederlands.
- Uitgebreide achtergronden en suggesties om vanuit een interactieve visie op taalonderwijs met schrijfvaardigheid aan de slag te gaan.
Franssen, H. (2002). Schrijfonderwijs in de praktijk. In A. Mottart, Retoriek en praktijk van het schoolvak Nederlands (pp. 25-36). Gent: Academia Press.
- Overzicht van de stand van zaken in het schrijfonderwijs, bezien vanuit PPON-onderzoeken.
Gelderen, A. van (2010). Leerstoflijnen schrijven beschreven. Enschede: SLO.
- Karakteristieken van schrijven per jaargroep. Het is een uitwerking van het referentiekader Nederlandse taal.
Hoogeveen, M. (2013). Writing with peer response using genre knowledge: A classroom intervention study. (diss. Universiteit Twente). Enschede: Universiteit Twente.
- In deze dissertatie wordt uitgewerkt hoe leerlingen elkaar feedback kunnen geven, gecombineerd met het inzetten van kennis over de eisen die aan verschillende genres gesteld kunnen worden.
Inspectie van het Onderwijs (2012). Focus op schrijven: Het onderwijs in het schrijven van teksten (stellen). Utrecht: Inspectie van het onderwijs.
- Uitspraken over de kwaliteit van het stelonderwijs, met suggesties voor verbetering en versterking van het onderwijs in schrijfvaardigheid.
Kammen, D. van (2002). Werken met portfolio in de onderbouw (praktijkboek Kansrijke Taal). Baarn: HB Uitgevers.
- Vanuit de visie van Kansrijke Taal worden suggesties gegeven om in groep 1-2 te werken met een portfolio. Ook de mogelijkheid om via portfolio’s ouders te betrekken bij het taalonderwijs wordt uitgewerkt.
Lohman, A. (2012). Schrijfcodes: Verbeteradviezen bij de meest gemaakte schrijffouten. Groningen: Wolters-Noordhoff.
- Adviezen ter verbetering van de eigen schrijfvaardigheid van de leraar.
Pompert, B. & Koster, G. (2017). Thema’s en taal: Ontwikkelingsgericht onderwijs in de bovenbouw. Assen: Van Gorcum.
- Vanuit een ontwikkelingsgerichte visie op taalonderwijs worden concrete suggesties gegeven om betekenisvolle schrijfopdrachten te ontwerpen.
Pompert, B. (2017). Lezen en schrijven doe je samen: Een ontwikkelingsgerichte didactiek voor lezen en schrijven in groep 3 en 4. Assen: Van Gorcum.
- In deze publicatie ligt de nadruk op de samenwerking tussen leerlingen en de leerkracht, waarbij de schrijfactiviteiten met een thematische insteek worden verbonden aan spel en verhalen van kinderen.
Pullens, T. e.a. (2009). Bij wijze van schrijven. In VONK 39/4 (oktober 2009), p 23-39.
- Beschrijving van de knelpunten in het schrijfonderwijs van de laatste jaren. Tevens wordt een samenvatting gegeven van de uitgangspunten die ten grondslag liggen aan het digitale schrijfprogramma TiO-schrijven.
Stoep, J. & Verhoeven, L. (2000). Stimulering van beginnende geletterdheid bij kleuters uit risicogroepen. Leuven/Apeldoorn: Garant.
- Concrete activiteiten die met kleuters ondernomen kunnen worden in het kader van hun taalontwikkeling bij beginnende geletterdheid.
Verheyden, L. (2010). Achter de lijn: Vier empirische studies over ontluikende stelvaardigheid. (diss. Katholieke Universiteit Leuven). Leuven: K.U. Leuven.
Verhoeven, L. (red.) (1992). Handboek lees- en schrijfdidactiek: Functionele geletterdheid in basis- en voortgezet onderwijs. Amsterdam: Swets & Zeitlinger.
- Een verzameling van (wetenschappelijk georiënteerde) achtergrondartikelen over lees- en schrijfdidactiek.
(Over) digitale werkvormen
Bok, A. (2009). Werken met TiO ABC (Karakteristieken, reflecties, jaarplanning, knoppenoverzicht). Rosmalen: BvEO.
- De achtergronden van het computerprogramma TiO-schrijven worden belicht. Er wordt stelling genomen tegen de huidige praktijk van de didactiek van het stellen in de bovenbouw van de basisschool. Tevens worden praktische suggesties gegeven voor een digitaal alternatief. Het artikel is ook te vinden op www.tioschrijven.nl.
Bronkhorst, J. e.a. (samenstellers) (2002). Cd-rom MILE-Nederlands, deel 4: Evalueren in interactief taalonderwijs. Nijmegen: Expertisecentrum Nederlands.
- Hoe volg je kinderen die werken met interactief taalonderwijs? Die vraag staat centraal in deze uitgave. Pabostudenten kunnen met behulp van videobeelden op de cd-rom een kijkje nemen in klassen die bezig zijn met interactief taalonderwijs. Ervaren collega’s laten in de praktijk zien hoe zij hun taalonderwijs evalueren en geven commentaar op hun werkwijze. Het werken met portfolio’s krijgt speciale aandacht. Hoe maak je een portfolio en hoe ziet zo’n portfolio van een leerling er uit? Dit wordt duidelijk gemaakt aan de hand van een stappenplan, beelden van leerlingen en hun portfolio’s en commentaar van leerkrachten.
Pullens, T. (2012). Bij wijze van schrijven: Effecten van computerondersteund schrijven in het primair onderwijs. (diss. Universiteit Utrecht). ’s-Hertogenbosch: BoxPress.
Relevante websites