Rekenen en wiskunde uitgelegd

Hoofdstuk 3

Omtrek, oppervlakte en inhoud


Maak de opgaven. Klik op 'Controleer' om je antwoorden te controleren. Als je alles goed hebt, kun je van enkele opgaven uitwerkingen bekijken.
  1. De omtrek van een rechthoekig stuk land is 742 m. De lengte is 200 m. Wat is de oppervlakte in ha? (Rond zo nodig af tot op twee cijfers achter de komma.) ha
  2. De inhoud van een kist is 540 m3. Vervolgens wordt er een gelijkvormige kist gemaakt met een inhoud van 67,5 m3. De lengte en de breedte van de oorspronkelijke kist zijn respectievelijk 20 m en 30 m. Wat is de hoogte van de nieuwe kist in cm? cm
  3. Om een rechthoekig terrein van 1000 m2 komen vier stroken: aan de voorkant ten minste 20 m breed en aan zij- en de achterkant ten minste 10 m breed. Wat is de oppervlakte van het terrein plus de eromheen liggende paden afgerond op hele getallen? m2
  4. Iemand heeft een plaat van 12 m2 karton. Daarmee wil hij een volmaakt rechthoekige bak zonder deksel maar met een bodem maken. Die bak moet een zo groot mogelijke inhoud hebben. Je mag al het materiaal gebruiken en hoeft geen rekening te houden met plakranden of de vorm van de plaat, zolang deze maar 12 m2 is. De bodem wordt vierkant.



    Welke afmetingen zal hij deze bak geven? Als de lengte m is, dan is de inhoud het grootst.
  5. Bereken de afmetingen van alle vierkanten in onderstaande tekening als je weet dat de oranje vierkanten aan de rechterkant zijden van x cm hebben. Geef je antwoorden waar nodig als breuken.



    Het grootste vierkant (blauw) heeft zijden van x cm.De twee vierkanten daaronder (bruin) hebben beide zijden van x cm.De twee vierkanten rechts van het grootste vierkant (oranje) hebben beide zijden van x cm
  6. Een ijsbaan bestaat uit twee rechte stukken en twee halve cirkels. De straal van de binnencirkel is 25 m. De breedte van de baan is 10 m. De omtrek van de binnenste rand van de baan is 400 m.



    1. Hoe lang is de buitenste rand in m? (Rond af op één cijfer achter de komma.) meter lang
    2. Hoe groot is de oppervlakte van de ijsbaan in m2? (Rond af op een heel getal.) m2
  7. Ard, Kees en Jan zijn fanatieke schaatsers. Ze oefenen samen op de schaatsbaan hieronder.



    Deze schaatsbaan is 400 m. Als Ard Kees een voorsprong geeft van 100 m, komen ze ongeveer tegelijk aan de finish. En als Kees aan Jan een voorsprong geeft van 40 m, dan komen zij ongeveer tegelijk aan de finish. Hoeveel m voorsprong moet Ard aan Jan geven, willen zij ongeveer tegelijk aankomen bij de eindstreep? m
  8. Een graancirkel heeft een straal van 24 meter. Hoeveel moet de straal van de cirkel groter worden, om de oppervlakte van de cirkel te viervoudigen? keer zo lang
  9. Hiernaast zie je de tekening van een blikje frisdrank. De hoogte van het blikje is 11 cm, de diameter van de bodem is 7 cm.



    1. Hoeveel cm2 is de oppervlakte van de bodem?. Geef je antwoord op één cijfer achter de komma. cm2
    2. De zijkant van het blikje is rood geverfd. De boven- en onderkant van het blikje zijn niet geverfd. Hoeveel cm2 is rood geverfd? Geef je antwoord op één cijfer achter de komma. cm2.
    3. Op het blikje staat: ‘Bevat 0,33 liter frisdrank’. Je besluit dit te controleren door de precieze inhoud van het blik te berekenen. Wat is de inhoud van het blikje? Geef je antwoord op drie cijfers achter de komma. l
  10. Een rechthoek heeft zijden van 6 cm en 3 cm. De zijden worden vergroot met factor 11.
    1. Bereken de oppervlakte van de oorspronkelijke rechthoek in cm2. cm2
    2. Bereken de oppervlakte van de vergrote rechthoek in cm2. cm2
    m2
  11. Iemand heeft een plaat van 12 m2 karton. Daarmee wil hij een volmaakt rechthoekige bak zonder deksel maar met een bodem maken. Die bak moet een zo groot mogelijke inhoud hebben. Je mag al het materiaal gebruiken en hoeft geen rekening te houden met plakranden of de vorm van de plaat, zolang deze maar 12 m2 is. De bodem wordt vierkant.



    Welke afmetingen zal hij deze bak geven? Als de lengte m is, dan is de inhoud het grootst.
  12. Bereken de afmetingen van alle vierkanten in onderstaande tekening als je weet dat de oranje vierkanten aan de rechterkant zijden van x cm hebben. Geef je antwoorden waar nodig als breuken.



    Het grootste vierkant (blauw) heeft zijden van x cm.De twee vierkanten daaronder (bruin) hebben beide zijden van x cm.De twee vierkanten rechts van het grootste vierkant (oranje) hebben beide zijden van x cm
  13. Een ijsbaan bestaat uit twee rechte stukken en twee halve cirkels. De straal van de binnencirkel is 25 m. De breedte van de baan is 10 m. De omtrek van de binnenste rand van de baan is 400 m.



    1. Hoe lang is de buitenste rand in m? (Rond af op één cijfer achter de komma.) meter lang
    2. Hoe groot is de oppervlakte van de ijsbaan in m2? (Rond af op een heel getal.) 4314 m2
  14. Ard, Kees en Jan zijn fanatieke schaatsers. Ze oefenen samen op de schaatsbaan hieronder.



    Deze schaatsbaan is 400 m. Als Ard Kees een voorsprong geeft van 100 m, komen ze ongeveer tegelijk aan de finish. En als Kees aan Jan een voorsprong geeft van 40 m, dan komen zij ongeveer tegelijk aan de finish. Hoeveel m voorsprong moet Ard aan Jan geven, willen zij ongeveer tegelijk aankomen bij de eindstreep? m
  15. Een graancirkel heeft een straal van 24 meter. Hoeveel moet de straal van de cirkel groter worden, om de oppervlakte van de cirkel te viervoudigen? keer zo lang
  16. Hiernaast zie je de tekening van een blikje frisdrank. De hoogte van het blikje is 11 cm, de diameter van de bodem is 7 cm.



    1. Hoeveel cm2 is de oppervlakte van de bodem?. Geef je antwoord op één cijfer achter de komma. cm2
    2. De zijkant van het blikje is rood geverfd. De boven- en onderkant van het blikje zijn niet geverfd. Hoeveel cm2 is rood geverfd? Geef je antwoord op één cijfer achter de komma. cm2.
    3. Op het blikje staat: ‘Bevat 0,33 liter frisdrank’. Je besluit dit te controleren door de precieze inhoud van het blik te berekenen. Wat is de inhoud van het blikje? Geef je antwoord op drie cijfers achter de komma. l
  17. Een rechthoek heeft zijden van 6 cm en 3 cm. De zijden worden vergroot met factor 11.
    1. Bereken de oppervlakte van de oorspronkelijke rechthoek in cm2. cm2
    2. Bereken de oppervlakte van de vergrote rechthoek in cm2. cm2