In de startblokken

Hoofdstuk 13

Maak van beide zinnen één zin. Gebruik de conjunctie. Klik als je alles hebt ingevuld op Controleer opdracht.
Klik op '[?]' als je het antwoord niet weet. Deze knop toont het goede antwoord.

1 hoewel
Ik ga op vakantie.
Ik heb weinig geld.
.

2 omdat
Hij heeft een hond, katten en vissen.
Hij houdt van dieren.
.

3 zodat
Irene komt morgen vroeg uit bed.
Ze kan veel doen.
.

4 zodra
De fietsenmaker neemt contact met je op.
Je fiets is gemaakt.
.

5 voordat
Ik ga naar de sportschool.
Ik ga bij Peter andijvie met spekjes eten.
.

6 toen
Mijn zus is op reis naar Colombia gegaan.
Ze was klaar met haar studie.
.

7 als
Je hoeft de paella niet op te eten.
Je vindt het niet lekker.
.

8 nadat
Ik ga op vakantie.
De cursus Nederlands is afgelopen.
.

9 terwijl
Ik snijd de bloemen schuin af.
Jij maakt koffie.
.