Volgende Vorige Hoofdstuk 7 Woorden Spelling Grammatica Uitspraak Toets Examen Oefening 1 Oefening 2 Woordenschat - Gatenoefening Typ het juiste woord in de zin. Soms moet je de vorm van het woord veranderen. Klik op 'controleer' als je klaar bent. Kies uit: afsnijden - instinct - struik - schadelijk - kauwen - bek - deksel - voortbrengen - rijpen - gat1. Deze koe heeft in haar hele leven al veel kalveren .2. In de krant staat dat biodiesel minder voor het milieu is dan gewone diesel.3. Iedere boer moet risicovolle beslissingen nemen en daarom moet hij een goed zakelijk hebben.4. Een koe slikt het gras bijna zonder te in één keer door.5. Fruit dat weinig geur heeft, moet nog langer en kun je beter nog niet eten.6. Als je de onderkant van bloemen schuin , kunnen ze beter water drinken en blijven je bloemen langer mooi.7. De van een paard noem je 'mond'.8. Ik krijg het van een jampotje altijd moeilijk open.9. Je moet voor die boom een heel diep in de grond graven.10. Achter in de tuin staan een paar groene voor onze garage. controleer hint OK