Zichtbaar Nederlands

3 Het pronomen

Zo, zo'n zulk of zulke?

Kies het juiste woord.

1. Ik heb interessant boek gelezen.
2. Pannenkoeken bakken doe je .
3. Waar vind je stevige schoenen?
4. Wat?! Is het al laat?
5. Ik weet dat het leuk is om informatie te krijgen.
6. Dat kost veel geld.
7. Het is mooie dag vandaag: de zon schijnt.
8. vuil water kan je niet drinken.
9. In de afgelopen maanden heb ik vriendelijke mensen ontmoet.
10. Waarom duurt het lang?!