[b] van boek / [p] van pen
Uitspraakoefening [b] – [p]
Zeg de woorden na en laat het verschil duidelijk horen: [b] zacht, [p] scherp.
Neem de oefening voor jezelf op, bijvoorbeeld met je telefoon. Vergelijk je opname met het voorbeeld. Niet tevreden? Doe de oefening nog een keer.
ben – pen
bas – pas
blad – plat
brei – prei
best – pest
baard – paard
bakken – pakken
gebeld – gepeld
binnen – pinnen
benen – penen