Beter Nederlands spreken

[ee] van been / [e] van zes

Luister- en uitspraakoefening [e]

  1. Luister naar de zin. Herhaal de woorden met de [e].
  2. Luister nog een keer.
  3. Zeg de hele zin na en let op de uitspraak van de [e].

Neem de oefening voor jezelf op, bijvoorbeeld met je telefoon. Vergelijk je opname met het voorbeeld. Niet tevreden? Doe de oefening nog een keer.

  

Ik heb hoofdpijn. – heb

Ik voel me slecht. – slecht

Ik denk aan mijn werk. – denk, werk

Bent u ziek? – bent

Dat helpt niet. – helpt

Kun je snel komen? – snel

Ik denk het wel. – denk, wel

Ik kijk even verder. – verder