[ee] van been / [e] van zes
- Uitleg [ee] van been / [e] van zes
- Dialoog
- Luisteroefening [ee] – [e]
- Uitspraakoefening [ee]
- Uitspraakoefening [e]
- Uitspraakoefening [e] – [ee]
- Luister- en uitspraakoefening [e]
- Luister- en uitspraakoefening [ee] – [e]
- Vraag en antwoord [ee]
- Vraag en antwoord [e]
- Uitspraakoefening [ee] met [r] of [l] – woorden
- Uitspraakoefening [ee] met [r] of [l] – zinnen
Luister- en uitspraakoefening [e]
- Luister naar de zin. Herhaal de woorden met de [e].
- Luister nog een keer.
- Zeg de hele zin na en let op de uitspraak van de [e].
Neem de oefening voor jezelf op, bijvoorbeeld met je telefoon. Vergelijk je opname met het voorbeeld. Niet tevreden? Doe de oefening nog een keer.
Ik heb hoofdpijn. – heb
Ik voel me slecht. – slecht
Ik denk aan mijn werk. – denk, werk
Bent u ziek? – bent
Dat helpt niet. – helpt
Kun je snel komen? – snel
Ik denk het wel. – denk, wel
Ik kijk even verder. – verder