Beter Nederlands spreken

[ng] van wang

Uitspraakoefening [nk] – [ng]

Zeg de woorden na en laat het verschil duidelijk horen: [ng] lang, [nk] kort.

Neem de oefening voor jezelf op, bijvoorbeeld met je telefoon. Vergelijk je opname met het voorbeeld. Niet tevreden? Doe de oefening nog een keer.

  

dronk – drong

jonk – jong

bank – bang

hink – hing

rank – rang

pink – ping

enkel – engel

vinken – vingen

jonker – jonger

zinken – zingen