[ng] van wang
Vraag en antwoord [ng]
Geef antwoord met het gegeven woord. Let op de uitspraak van de [ng].
Voorbeeld:
> Ja, … (zing)
Antwoord:
Zing je een lied? > Ja, ik zing een lied.
Neem de oefening voor jezelf op, bijvoorbeeld met je telefoon. Vergelijk je opname met het voorbeeld. Niet tevreden? Doe de oefening nog een keer.
> Ja, … (te lang)
> Ja, … (woning)
> Ja, … (bang)
> Ja, … (buurjongen)
> Ja, … (zwanger)
> Ja, … (breng)