Beter Nederlands spreken

[uu] van muur / [u] van bus

Luister- en uitspraakoefening [u]

  1. Luister naar de zin. Herhaal de woorden met de [u].
  2. Luister nog een keer.
  3. Zeg de hele zin na en let op de uitspraak van de [u].

Neem de oefening voor jezelf op, bijvoorbeeld met je telefoon. Vergelijk je opname met het voorbeeld. Niet tevreden? Doe de oefening nog een keer.

  

Het is hier rustig. – rustig

Ik neem de bus naar school. – bus

Dit is mijn zus. – zus

We kunnen niet op vakantie. – kunnen

Hebben jullie een tent? – jullie

Ga maar vlug zitten. – vlug

Wat ben je druk! – druk

Ik ben zo terug. – terug