Selecteer het antwoord dat je het meest correct lijkt.
De Economische Monetaire Unie bestaat uit verschillende onderdelen; wat hoort er níét bij?
gezamenlijk monetair beleid
Raad van Ministers van Economische en Financiële Zaken
de Europese Centrale Bank
macro-economische coördinatie
De EU heeft gekozen voor één munt in plaats van een parallel currency of een vaste wisselkoers van de nationale munten onderling, omdat:
het vertrouwen in sommige nationale munten heel laag was, wat de EU als geheel schaadde
dit nodig was om het economisch beleid te centraliseren
de transactiekosten daarvan lager zijn en het psychologische en politieke effect groter
dit de enige politieke consensus was die bereikt kon worden
Het Stabiliteits- en Groeipact (SGP) houdt in:
dat nationale economieën ten minste 3 procent per jaar moeten groeien
dat de staatsschuld niet meer dan 60 procent van het bbp mag bedragen en dat nationale economieën ten minste 3 procent per jaar moeten groeien
dat het begrotingstekort niet meer dan 3 procent per jaar mag zijn en de staatsschuld niet meer dan 60 procent van het bbp mag bedragen
dat het begrotingstekort niet meer dan 3 procent per jaar mag zijn en dat nationale economieën ten minste 3 procent per jaar moeten groeien
De uitzonderingsclausule in het Stabiliteits- en Groeipact (SGP) betekent dat lidstaten die excessieve tekorten in het overheidsbudget oplopen:
de betaling van de financiële sancties die hierop volgen mogen uitstellen totdat de tekorten zijn opgelost
in ‘speciale omstandigheden’ de Commissie kunnen verzoeken geen sancties op te leggen
in ‘speciale omstandigheden’ de Raad van Ministers van Economische Zaken en Financiën kunnen verzoeken geen sancties op te leggen
in de eerste vijf jaar van het lidmaatschap niet aan de regels van het SGP hoeven te voldoen
Wat is het gevolg van het six-pack dat na de crisis is ingevoerd?
de ECB heeft meer mogelijkheden voor toezicht op de nationale begrotingen
de Commissie heeft meer mogelijkheden voor toezicht op de nationale begrotingen en kan sancties opleggen
regeringen moeten hun begrotingen laten goedkeuren door de Raad van Ministers van Economische Zaken en Financiën
het macro-economisch beleid is volledig supranationaal geworden
De Europese Centrale Bank (ECB) heeft als centrale doelstelling:
de invoering van de euro te bevorderen
de prijsstabiliteit te bewaren
toezicht te houden op de nationale centrale banken
leningen aan lidstaten te verstrekken wanneer dit nodig is
Het ordoliberale gedachtegoed gaat uit van:
een van de regeringen onafhankelijke Europese centrale bank en een strikt nationaal budgettair en fiscaal beleid
een van de regeringen onafhankelijke Europese centrale bank en een flexibel nationaal budgettair en fiscaal beleid
een Europese centrale bank die beleid met nationale regeringen afstemt en een strikt nationaal budgettair en fiscaal beleid
een Europese centrale bank die beleid met nationale regeringen afstemt en een flexibel nationaal budgettair en fiscaal beleid
De locomotieftheorie van de ‘monetaristen’ over monetaire eenwording behelst dat:
de EMU een supranationaal karakter dient te krijgen
de EMU een intergouvernementeel karakter dient te krijgen
monetaire integratie vanzelf tot verdere afstemming van economisch beleid zal leiden
monetaire eenwording pas kan volgen als het economisch beleid meer geïntegreerd is
De Slang en het Europees Monetair Stelsel maken afspraken over:
de maximale hoogte van de inflatie in de lidstaten
de maximale hoogte van de staatsschuld van de lidstaten
het gehanteerde rentepercentage in de lidstaten
de bandbreedte waarbinnen de wisselkoersen van de munten zich mochten bevinden
Er ontstond uiteindelijk overeenstemming over de EMU toen:
er politieke consensus was ontstaan dat de kroningstheorie de juiste politieke koers was
er politieke consensus was ontstaan dat de locomotieftheorie de juiste politieke koers was
de economische situatie in Europa verslechterd was, wat leidde tot een doorbraak in de onderhandelingen
de Duitse bondskanselier binnenlands verzet tegen de EMU kon overwinnen in ruil voor de instemming van de voormalige geallieerden met de Duitse hereniging
De eindfase van de EMU:
ging automatisch in op 1 januari 1999
gaat pas in als alle EU-lidstaten voldoen aan de convergentiecriteria
ging in voor alle landen die geen opt-out hadden bedongen op 1 januari 1999