Hoofdstuk 7
- Maria Bakker: moeder, 28 jaar, vroeger op speciaal onderwijs, werkt parttime als schoonmaakster
- Kees Koole: vriend van moeder, 46 jaar, werkloos
- Ruud Bakker: 10 jaar, IQ 74 MLK
- Saskia Bakker: 5 jaar, basisschool
Toen Ruud 6 jaar was, is moeder gescheiden van haar eerste man, de vader van Ruud. Vader was zeer agressief naar moeder en heeft haar meerdere malen met een mes bedreigd. Zij zijn met veel onenigheid uit elkaar gegaan en er is veel strijd over Ruud geweest. Ruim acht maanden geleden is moeder gescheiden van haar tweede man. Sinds anderhalve maand heeft zijn een nieuwe vriend, Kees, die bij hen is komen wonen. Moeder heeft zelf contact opgenomen met een hulpverleningsinstelling, omdat ze niet meer weet wat ze met het gedrag van Ruud aan moet. Hij vraagt voortdurend haar aandacht, loopt de hele dag achter haar aan en herhaalt eindeloos wat hij van haar wil. Als hij niet krijgt wat hij wil, wordt hij boos, schopt en slaat en maakt dingen kapot. Hij heeft een grote mond en luistert niet naar zijn moeder en Kees.Moeder vertelt veel van haar tijd aan Ruud te besteden. Ze vertelt dat hij altijd een druk jongetje geweest is, omdat hij ADHD heeft. Ze ziet dat dit moeilijk is voor Ruud en heeft soms medelijden met hem. Dan voelt ze zich verdrietig. Ze kan op die momenten haar boosheid beter beheersen en noemt één keer in de afgelopen vier weken dat zij de ruimte uit gegaan is zonder Ruud te straffen.Moeder is wisselend van stemming, onduidelijk in haar boodschappen aan Ruud en weinig consequent. Zij kan moeilijk inschatten wat Ruud wel en niet kan. Zij en Kees gaan vaak uit van onwil. Soms geeft moeder Ruud zijn zin, andere keren kan ze verschrikkelijk boos worden.Kees zegt moeder te willen helpen, maar het weinige respect dat Ruud voor zijn moeder heeft stoort hem enorm. Beiden zeggen dat streng zijn het enige is wat soms werkt, maar meestal maar even. Moeder beschrijft twee situaties waarin zij de controle niet heeft verloren. Beide keren heeft zij oma gebeld, die Ruud kwam ophalen.Ruud heeft geen lakens op zijn bed, alleen een deken waarvan hij zegt: ‘Die prikt.’ Na de scheiding haar tweede man kon moeder de situatie niet meer aan en verbleef Ruud twee maanden bij oma. Volgens oma gedroeg Ruud zich daar goed. Toen Ruud weer thuis ging wonen, kwamen de problemen weer terug en werden ze steeds heftiger. Met Saskia zijn er geen problemen, vertellen Kees en Maria.Er zijn grote financiële problemen in het gezin, er komen regelmatig deurwaarders langs. De meubels zijn versleten, het onderhoud van de tuin laat te wensen over en de keuken staat vol vieze afwas en stinkt. Moeder vertelt dat ze het huis graag schoon en opgeruimd wil hebben, maar dat dit haar niet lukt. In de huiskamer staan nog stapels ingepakte dozen en op twee muren zit geen behang. De kleren die de kinderen dragen zijn oud, maar wel schoon. In de hal staat een brommer en het stinkt er vreselijk naar benzine. Een grote hond loopt blaffend door het huis. Het gezin valt onder vrijwillige hulpverlening.
Vragen bij de casus
- Welke van de vier bufferprocessen is moeilijk te versterken bij dit gezin en waarom?
- Hoe kun je als ouderbegeleider moeder helpen haar ouderpositie te versterken? Noem drie praktische voorbeelden die passen bij een bufferproces.
- Op welke manier zie je het besef van verantwoordelijk-zijn terug bij moeder?
- Op welke manier is moeder kwetsbaar in haar ouderschap?
- Hoe kun je moeder het best als eindverantwoordelijke-consultvrager benaderen?