Nederlands naar perfectie

Hoofdstuk 4

Opdracht 7 ‘Zou(den)’

Extra oefening met ‘zou(den)’

Schrijf de zinnen met de woorden in de juiste volgorde. Begin met de vetgedrukte woorden. Soms zijn er meerdere mogelijkheden. Let op: pas waar nodig de werkwoordsvorm en -tijd aan.

Klik op 'Extra letter' of op '[?]' als je het antwoord niet weet. Let op: de knop '[?]' toont het goede antwoord.

Stel een vriendelijke vraag:

1. Zullen / u / uitzoeken / voor mij / dat / willen?
?

2. Zullen / kunnen / helpen / me / je?
?

3. Zullen / wegleggen / kunnen / je mobiele telefoon / jullie?
?

4. Zullen / wat / uitleggen / me / er niet goed is / willen / u?
?

5. Zullen / echt / nu / zeuren / ophouden / jullie / kunnen / met?
?

6. Zullen / op alle slakken / leggen / je / willen / zout / niet?
?