Nederlands naar perfectie

Hoofdstuk 5

Opdracht 2 Uitdrukkingen en woordgroepen

Oefening met uitdrukkingen en woordgroepen bij tekst 1 en 2

Zet bij elke zin de juiste uitdrukking of woordgroep. Deze komen uit tekst 1 en 2.

1. Deze cursus volg ik niet omdat dat moet voor mijn werk, maar gewoon [?].
2. U kunt een overnachting boeken in het hotel, [?] met ontbijt.
3. Er zijn leuke mensen op het feest, de muziek is goed en er wordt gedanst; kortom, gezelligheid [?]!
4. Ik heb haar een maand geleden een mail gestuurd, maar [?] heb ik nog niets van haar gehoord.
5. Omdat hij ontevreden was over zijn huidige baan, besloot hij [?]: hij zegde zijn baan op en ging een wereldreis maken.
6. [?] het gebouw wel veilig is. Zo niet, dan moet de gemeente voor verbetering zorgen.
7. Ik ben alvast aan het solliciteren naar een andere functie, want mijn baan [?].
8. Verhalen over neergestorte vliegtuigen [?] mij altijd [?].
9. [?] nemen we even rust om tot bezinning te komen.
10. Het verschil in mening [?] te verklaren door te kijken naar de uiteenlopende achtergronden van de sprekers.
11. Ik moet er niet aan denken om op vakantie te gaan naar Antarctica. [?] die kou!
12. Mensen die [?], gedragen zich anders dan van hen wordt verwacht.
13. [?] onafhankelijkheid was zo groot dat het volk in opstand kwam.
14. Tijdens het wereldkampioenschap voetbal konden de winkeliers de plotseling stijgende vraag naar oranje vlaggetjes niet [?].
15. Het was duidelijk dat hij ergens mee zat, maar ik kon er niet [?] wat het probleem precies was.