Nederlands op niveau

Hoofdstuk 3

Vocabulaire

Opdracht 3

Vul een van de substantieven in. Denk om de juiste vorm. Kies uit:

aandeel gunst jargon klusje litteken naald opvang overtuiging rimpel verdeling

Klik op 'extra letter' als je het antwoord niet weet.

Als je klaar bent met de opdracht klik je op 'controleer' om je antwoorden te controleren.


1. De van taken is niet eerlijk geweest, want we komen tijd te kort.

2. Ik moet me haasten naar de om mijn kinderen op te halen.

3. Aan die operatie heeft hij een groot overgehouden.

4. Het is niet verstandig om die scherpe te gebruiken.

5. Ik erger me aan het gebruik van . Dat begrijp je vaak niet als buitenstaander.

6. Zijn in het project is niet overdreven groot geweest.

7. De die ik nog moet doen, stapelen zich op.

8. Ze wilde me die beslist niet verlenen. Ze vond dat ze dat niet kon maken.

9. in een gezicht associëren veel mensen met ouderdom.

10. Hij leeft in de dat dit het beste is voor zijn leerlingen.