Zichtbaar Nederlands

6 Het verbum


Vervang het verbum ‘smurfen’ door het verbum dat tussen haakjes staat.
Voorbeeld: Hoe smurf je? (zich voelen) → Hoe voel je je?
1. . (zich aankleden)
2. ? (zich herinneren)
3. . (zich ontspannen)
4. . (zich schamen)
5. . (zich wassen)
6. . (zich afmelden)
7. ? (zich gedragen)
8. . (zich bevinden)
9. . (zich ergeren)
10. . (zich specialiseren)