Zichtbaar Nederlands

6 Het verbum

Presens (nu)

Vul het correcte modale verbum in, in de juiste vorm.

1. jullie iets drinken?
2. Hier je niet roken.
3. Vandaag eten we in een restaurant, dus we niet te koken.
4. Morgen het regenen.
5. Het dochtertje van Lisa nog niet lopen.
6. je me even helpen?
7. We om 9 uur op ons werk zijn.
8. Hij geen melk in zijn koffie.
9. u misschien een kopje thee?
10. Sven en Thomas niet goed zingen.