Iedereen kan leren schrijven

Tekenen is ook taal

Eerst tekenen, dan vertellen en schrijven

Ik laat in groep 5 de kinderen een plek uit hun lijstje kiezen en die plek na te tekenen in een kader op een A4-vel. De bedoeling is dat ze zich al tekenend de details van de plek en misschien ook van de gebeurtenis herinneren. Bij mijzelf gebeurt dat ook: ik begin de grote stenen trap te tekenen die we in de vakantie beklommen om op een rots te komen. Daardoor herinner ik me dat helemaal bovenaan een soort vuurtorentje stond en van die verrekijkers waar je geld in moet doen. Met de tekening erbij vertellen we in tweetallen over de plek. Dominic vertelt hoe hij met een vriendje vanaf het dak een steen op een man gooide. De steen kwam op zijn arm. 'We renden snel weg,' zegt Dominic. Ik vraag waarheen je nu kunt rennen op een dak. Weer naar beneden. Terwijl ze naar beneden renden, kwam er een boze buurvrouw die riep dat ze de politie ging bellen. Ze gingen snel naar binnen.

Als ik Dominic vertel over de stenen trap, ziet hij een boot op mijn tekening en vraagt of er boten waren. Ik vertel over de haven die je van bovenaf kunt zien en de binnenkomende schepen. Ik herinner me ineens dat we ook de draaimolen zagen waar we net in hadden gezeten, een piepklein draaiend rondje.

Dan gaan we schrijven. Het lijkt wel een soort spelletje, overal krijgen ze maar een paar minuten voor. Tien minuten tekenen, twee minuten vertellen, zeven minuten schrijven. Het lukt, omdat ze de werkvormen nu al kennen en omdat ze niet hoeven te piekeren waarover het moet gaan. Iedereen schrijft in stilte. Enkele teksten zijn nog niet af als ik al stop zeg, maar dat geeft niet, het is een eerste versie.

 

Ik vraag groep 4 eerst om de gekozen trap in een kadertje te tekenen, zo precies mogelijk. Zo zijn ze al voor het vertellen bezig zich de trap voor de geest te halen. Bij Maxe naast me zie ik bijvoorbeeld dat ze het touwtje met kerstkaarten getekend heeft dat bij haar oma naast de trapleuning hangt. Chalid tekent heel precies het platte dak van zijn huis in Marokko en de douche die ze daar hebben. Daisy tekent een trap met een bocht waar allerlei speelgoed op de treden ligt.

Voor ze gaan tekenen benadruk ik dat het geen 'mooie' tekening hoeft te worden, maar wel een die duidelijk is. Ook krijgen ze er maar een paar minuten voor. Niemand krijgt de kans om 'mooi' en lang te gaan tekenen. Het zijn meer een soort notities.

 

Ik besluit om in groep 6 een tekenopdracht te geven over voordeuren. Iedereen krijgt een A5 blaadje met een kader erop, een onderlegger en een potlood. Ik: Teken je eigen voordeur, precies hoe hij eruit ziet, en ook wat er naast en boven de deur zit, misschien een brievenbus, een bel, een raam? Iedereen gaat tekenen, heel precies. Terwijl we tekenen, ik teken ook, kan ik even nadenken over de opdracht voor de tweetalgesprekken: vertel bij je tekening aan je maatje over hoe je voordeur. er precies uitziet en ook hoe je hem altijd open en dicht doet. Degene die luistert probeert het voor zich te zien en mag vragen stellen. Er is een druk gepraat in tweetallen, iedereen wijst op de tekening. Zo helpt een tekening bij het vertellen over details, waar je zonder tekenen misschien niet zo snel op zou komen.

Meestal is een taalronde opgebouwd volgens de volgorde: vertelronde, lijstje maken, tweetalgesprek, schrijven, tekenen. Het tekenen komt achteraan, als de tekst er al is, meestal als iedereen weer aan een tafel zit. Toch kan het ook veel opleveren om in de kring al te beginnen met tekenen.

Bij kleuters en groep 3 gebeurt dat bijvoorbeeld bij het maken van een tekenlijstje na de vertelronde. Na een vertelronde over dieren die je bent tegengekomen, tekenen kinderen drie dieren die ze wel eens tegenkwamen. Als het onderwerp is 'kasten bij jou thuis', tekenen ze drie kasten die ze thuis hebben. Een tekenlijstje over ongelukjes kan drie plekken laten zien waar een ongelukje gebeurde. Het tekenlijstje vervangt een geschreven lijstje, maar heeft ook een eigen werking: tekenen geeft sneller concrete details die je later kunt gebruiken in je verhaal. Moelijk schrijvende kinderen zijn vaak blij met tekenen. Daarom maken we tot en met groep 8 regelmatig tekenlijstjes.

Hetzelfde effect treedt op als je eerder tijdens de kring een gerichte tekenopdracht geeft. Er is bijvoorbeeld een lijstje gemaakt van dingen die je thuis hebt met een stekker eraan. De kinderen hebben een daarvan gekozen. Ze krijgen onderleggers, pennen en een blaadje met een vierkant kader erop. Eerst gaan ze dat voorwerp heel precies tekenen, met de omgeving waar het staat of gebruikt wordt erbij. Hun voorstellingsvermogen wordt aangesproken, en de volgende stap: in tweetallen vertellen over wie dat voorwerp gebruikt en hoe, is heel natuurlijk. De uiteindelijke tekst kan later in het net onder de tekening geschreven worden.