Hoofdstuk 13
- De overheid onderzoekt elk jaar hoe veilig Nederlanders zich voelen in hun buurt (zie www.veiligheidsmonitor.nl). Zoek voor je eigen stad/dorp/buurt op hoe hoog de criminaliteitscijfers zijn. Waarom denk je dat deze cijfers gemiddeld/hoog/laag zijn?
- Lees het rapport Minder ernstig, vaker gestraft. Een onderzoek naar de aard en kwalificatie van jeugdcriminaliteit van D.J. Korf, A. Benschop, T. Blom en M. Steen (Amsterdam: Rozenberg Publishers, 2012). Welke redenen geven de auteurs voor het strenger straffen van jongeren voor dezelfde delicten (zie hoofdstuk 1)? Kun je daarvoor zelf nog meer redenen bedenken? Wat zouden de gevolgen hiervan kunnen zijn voor adolescenten? Helpt het om strenger te straffen of juist niet? Welke theorie wordt onderbouwd met deze studie?
- In de Databank effectieve interventies van het Nederlands Jeugd Insitituut (http://www.nji.nl/nl/Kennis/Databanken/Databank-Effectieve-Jeugdinterventies-Over-de-databank.html) zijn alle effectieve interventies samengevat. Zoek op welke interventies er zijn en hoe effectief de verschillende interventies zijn in het voorkomen van jeugdcriminaliteit.
Een uitgebreid naslagwerk over het irritante gedrag van kinderen de adolescentie is Waarom tieners zo irritant kunnen zijn? En hoe je daar als ouder mee kunt leren leven van L. Keijsers (Lannoo Campus, 2013). Dit hoofdstuk geeft een korte samenvatting van de theorie van Terrie Moffitt. Om helemaal te begrijpen wat de oorzaken en onderliggende processen zijn bij jeugdcriminaliteit, is het beste het originele artikel te lezen. Veel empirische studies worden gepubliceerd in Engelstalige wetenschappelijke tijdschriften. Er zijn ook Nederlandstalige tijdschriften voor wetenschappelijke studies, zoals Kind & Adolescent, Tijdschrift voor Orthopedagogiek en Pedagogiek. Om een idee te krijgen van hoe een studie naar dit thema is opgezet zie bijvoorbeeld L. Keijsers, S.J.T. Branje, I. van der Valk en W. Meeus (2009). Mag ik even met je praten? Ouder-kindcommunicatie en delinquentie bij adolescenten. Pedagogiek, 29, 111-123. |
|---|