Zichtbaar Nederlands

6 Het verbum

Aan het ... II

Alle tijden, scheidbare verba en bijzinnen

Vervang de zinnen door zinnen met ‘aan het’. Let op de tijd: nu blijft nu, vroeger blijft vroeger. Voorbeeld:
Ik tennis een uur. → Ik ben een uur aan het tennissen.
Ik tenniste een uur. → Ik was een uur aan het tennissen.

1. .
2. .
3. .
4. .
5. .
6. ?
7. .
8. .
9. .
10. .