Lijstjes
Een lijstje maken voor jezelf
Ik vraag groep 5 om een lijstje te maken van vruchten die ze goed kennen of wel eens gegeten hebben, of die ze hebben zien groeien. Dit gebeurt zonder aarzeling. Ilias vraagt of een kastanje ook een vrucht is, ik vind van wel. Als ze allemaal al een rijtje hebben vraag ik: schrijf er ook nog een vrucht bij die je wel eens zelf geplukt hebt - omdat ik weet dat pluk-verhalen meestal weer anders zijn dan eet-verhalen, en zo wordt het gevarieerder. De meesten schrijven er meteen iets bij. Hierna kiezen ze een vrucht van hun lijstje om over te vertellen en zetten er een streep onder.
We kiezen in groep 7 een ding van ons lijstje om over te vertellen in een tweetalgesprek. De verteller probeert het zo te vertellen, dat de luisteraar het als een plaatje voor zich ziet. Als de luisteraar geen plaatjes ziet mag hij een vraag stellen, maar alleen dan. Tijdens de tweetalgesprekken zijn alle kinderen geanimeerd met elkaar in gesprek. Ik ben tevreden, want wat in de grote kring niet goed lukte, lukt nu wel. Daarna doen we een tweetalgesprek met degene die aan je andere kant zit. Die mag van ons lijstje iets kiezen waar hij of zij nieuwsgierig naar is. Het is leuk om te zien hoe de kinderen elkaars lijstjes lezen en hun keuze bepalen. Ik merk zelf dat het spannend is om af te wachten wat de ander zal kiezen, maar ook dat het spannend is om bij de ander wat te kiezen. Er staan trefwoorden en je weet helemaal niet wat voor verhaal daar achter steekt.
De vorige keer hebben de kleuters met meester Theo een vertelronde gedaan over muziekinstrumenten. Over waar zij wel eens een muziekinstrument hadden gezien. Ze hebben toen een tekenlijstje gemaakt: twee tekeningetjes van een muziekinstrument. Verder is Theo niet gekomen met zijn les. Nu deelt hij de tekenlijstjes uit. Telkens houdt hij een tekenlijstje omhoog met de vraag van wie die is. De kinderen herkennen elkaars lijstjes feilloos. Theo brengt de opdracht van het tekenlijstje in herinnering. Ze moesten twee muziekinstrumenten tekenen, omdat ze er thuis zo een hadden of omdat ze hem ergens anders hadden gezien, op straat bijvoorbeeld. Theo vertelt zijn eigen verhaal over zijn klarinet. Als hij klaar is zegt hij: 'Kijk goed naar je lijstje en kies er een uit om over te vertellen.'
De kinderen van groep 4 maken een lijstje van dingen die ze wel eens gevonden hebben. Het valt me op dat er veel geld en sieraden op de lijstjes komen. Als ik zomaar andere dingen opnoem, zie ik dat de kinderen om mij heen op nieuwe dingen komen: dieren vinden, kledingstukken, snoepjes. Het kan soms nuttig zijn om tijdens het lijstjes schrijven even te stoppen, en enkele lijstjes te laten voorlezen, zodat er nieuwe ideeën opkomen. Ook kan je nog eens opnoemen wat in de vertelkring naar voren is gekomen - dat zijn ze soms bij het lijstjes maken zelf weer vergeten. Zo komt er meer variatie in.
Tijdens een taalronde in groep 8 over 'kleine plekjes waar je wel eens in zat', komen meerdere verhalen over liften. Ik vraag naar wc’s die niet opengaan. Het blijft toch nog stil bij een groot aantal. Ik ga daarom over naar het lijstje, omdat ik vermoed dat dat meer veiligheid geeft. En inderdaad: iedereen begint plekken op te schrijven waar hij/zij wel eens gezeten heeft. Ik roep tijdens het schrijven nog plekken die me te binnen schieten: achterbakken van auto’s, plekjes buiten bij het verstoppertje spelen. Ze schrijven en praten zachtjes, en ik zie regelmatig iemand een ‘oja’ beweging maken en weer iets opschrijven. Daarvoor is het lijstje ook bedoeld: rustig voor jezelf even je ervaringen langslopen, zonder dat je er meteen over hoeft te vertellen, je op ideeën laten brengen door anderen. Ik laat drie lijstjes voorlezen door kinderen die eerder in de kring niks vertelden. Ze hebben er van alles opstaan. Mijn conclusie: het maken van het lijstje is in deze wat afwachtende groep een belangrijke werkvorm. De overgang naar een tweetalgesprek gaat heel natuurlijk. Ze kiezen uit hun lijstje allemaal iets waarover ze willen vertellen aan hun maatje. Het is een veilige manier van vertellen. Iedereen doet het, zo te zien met inzet. Daardoor kunnen ze vervolgens ook meteen gaan schrijven, het zit allemaal vers in hun hoofd. Ik geef er tien stille minuten in de kring voor, die door bijna iedereen benut worden. |
Als alles in de vertelkring borrelt van de verhalen, is de volgende vraag, hoe je uit die ervaringen een verhaal gaat selecteren om op te schrijven. Als iets je heel hoog zit, kan je het natuurlijk meteen gaan opschrijven. Maar vaak zijn er allerlei verhalen en verhaaltjes en beelden in je hoofd gekomen naar aanleiding van de vertelkring, en heb je een tussenstap nodig om daaruit iets te kiezen waar je echt zin in hebt. Het maken van een lijstje, getekend of geschreven, is hiervoor een beproefde werkvorm. Op een lijstje maak je een inventarisatie van ervaringen, nog zonder daarin te selecteren. Tijdens het lijstje krijgt iedereen de kans om rustig ervaringen langs te lopen. Een lijstje moet makkelijk gaan, je hoeft nog niet te denken: wat moet ik hierover vertellen? of: wil ik hierover wel vertellen? Dat komt later pas.
Een lijstje maken werkt ook goed in groepen met veel verlegen kinderen, of groepen waar kinderen om andere redenen weinig zin hebben om in de openbaarheid van de kring iets van zichzelf te vertellen. Heel vaak zien we kinderen die niets verteld hebben, ellenlange lijsten met ervaringen produceren. De veiligheid van de werkvorm wordt nog voortgezet tijdens het daaropvolgende tweetalgesprek, waarin je uitsluitend aan je buur vertelt over iets van je lijstje.
Lijstjes maken is een vaardigheid die voor allerlei doeleinden van pas komt. Niet alleen bij het boodschappen doen of het opstellen van een verlanglijst, maar ook bij het plannen van je werkzaamheden op een dag, het opzetten van een werkstuk of het doorgronden van de structuur van een verhaal of tekst. Inventariseren, structureren en selecteren zijn studievaardigheden waar de kleuters al mee kunnen beginnen.