Volgende Vorige Hoofdstuk 10 10.1 Dialoog 10.2 Woordenlijst 10.4 Bedoelen en betekenen 10.5 Imperfectum 10.6 Imperfectum modale ww 10.8 Uitspraak: ui en ui — ou / au Verdieping 10.1 Dialoog 10.2 Woordenlijst 10.4 Bedoelen en betekenen 10.5 Imperfectum 10.6 Imperfectum modale ww 10.8 Uitspraak: ui en ui — ou / au Verdieping Opdracht 1: Regelmatige werkwoorden 1 Opdracht 2: Regelmatige werkwoorden 2 Opdracht 3: Onregelmatige werkwoorden 1 Opdracht 4: Onregelmatige werkwoorden 2 Opdracht 5: Onregelmatige werkwoorden 3