In de startblokken

Hoofdstuk 10

Vul de juiste vorm van het imperfectum. Elke zin heeft twee werkwoorden. Klik als je alles hebt ingevuld op Controleer opdracht.
Klik op '[?]' als je het antwoord niet weet. Deze knop toont het goede antwoord.

1 weten, zijn
je niet hoe laat het ?

2 willen, krijgen
Ik rode wijn, maar ik witte wijn.

3 houden, eten
Ik niet van stamppot andijvie, maar we het thuis vaak.

4 nemen, kiezen
Hij een cappuccino en zij ijs met vruchten.

5 begrijpen, vragen
Ik niet wat de docent .

6 spijten, lijken
Het hem heel erg, maar het hem geen goed idee.

7 roepen, komen
Ik de serveerster, maar ze niet.

8 mogen, doen
jullie niet zelf kiezen wat jullie ?

9 kijken, vallen
Hij niet goed naar rechts, daarom hij.

10 zoeken, kunnen
We het boek, maar we het niet vinden.