Hoofdstukken
Luister- en uitspraakoefening [v] – [w]
- Waar hoor je de [w] van weer in de zin? Kies A of B.
- Controleer je antwoorden.
- Luister nog een keer, zeg de zinnen na en let op de uitspraak van de [v] en de [w].
Neem de oefening voor jezelf op, bijvoorbeeld met je telefoon. Vergelijk je opname met het voorbeeld. Niet tevreden? Doe de oefening nog een keer.