Als baby’s naar gezichten kijken, waar kijken ze dan vooral naar?
Het geheel en de contouren (omtrek) van het gezicht.
De opvallende uitstekende delen zoals oren en neus.
De expressieve delen zoals ogen en mond.
Een kind met ASS van zeven jaar oud ziet hoe de clown Maxi een reep in een tasje stopt. Nadat Maxi het podium heeft verlaten komt clown Mini ten tonele. Mini pakt de reep uit het tasje en stopt het in een doos. Nadat Mini op zijn beurt het toneel heeft verlaten keert Maxi terug. Dan wordt aan het kind gevraagd waar Maxi de reep zal zoeken. Wat zal over het algemeen het antwoord van een kind met ASS op deze vraag zijn?
Een kind met ASS zal de doos aanwijzen.
Een kind met ASS zal het tasje aanwijzen.
Een kind met ASS raakt verward omdat hij zich niet goed in de positie van anderen kan verplaatsen en zal daardoor niet goed kunnen kiezen.
Wat onderscheidt het syndroom van Asperger van klassiek autisme?
Het syndroom van Asperger valt pas later in de ontwikkeling op omdat deze kinderen de formele verbale communicatie beter beheersen.
De beperking in de ‘theory of mind’ is bij kinderen met het syndroom van Asperger minder ernstig dan bij kinderen met klassiek autisme.
Kinderen met het syndroom van Asperger hebben geen wens tot sociaal contact, kinderen met autisme hebben die wens wel, maar het lukt ze niet.
Welke van onderstaande kenmerken komt vaak voor bij kinderen met ASS?
Het geven van emotionele boodschappen.
Extreme feitenkennis.
Adequaat logisch redeneren.
Scholieren met ASS vinden een open opdracht (zoals: ‘Schrijf een opstel over de gevolgen van de opwarming van de aarde en lever deze maandagmorgen in.’) vaak erg moeilijk, maar halen hoge cijfers bij MC-toetsen waarin naar feitenkennis wordt gevraagd. Welke theorie verklaart dit opvallende verschil goed?
De theorie van de contextblindheid.
De theorie van empathiseren versus systematiseren.
De theorie van executief disfunctioneren.
Jelle van 7 heeft PDD-NOS. Hij leest en rekent al vroeg (3 jaar), thuis ontwikkelt hij zich goed. Zijn ouders genieten van hem en zijn trots op hem. Op school krijgt hij echter problemen. Hij laat de andere kinderen links liggen tot hij een jaar of 6 is. Vanaf die leeftijd gaat hij ze agressief bejegenen. Waarom hoort zijn gedrag bij PDD-NOS en niet bij een andere autistische stoornis?
Het ‘autistische’ gedrag van Jelle is niet in iedere context even erg.
Agressie is een kenmerk dat wel bij PDD-NOS maar niet bij andere autistische stoornissen hoort.
Jelle heeft geen contactwens, die is er bij kinderen met autistische stoornissen wel.
Welke lichamelijke problematiek komt relatief vaak voor bij mensen met ASS?
Astma.
Epilepsie.
Suikerziekte.
Wat blijkt uit internationaal onderzoek naar het voorkomen van ASS?
ASS komt over de hele wereld voor en overal in even grote mate.
ASS komt over de hele wereld voor, maar veel meer in de ontwikkelde – westerse – landen.
ASS komt over de hele wereld voor en in even grote mate, maar opvallend is dat de verhouding tussen jongens en meisjes in ontwikkelingslanden veel minder extreem is dan in de ontwikkelde – westerse – landen.
Wat zijn volgens recent wetenschappelijk onderzoek de belangrijkste risicofactoren bij het ontstaan van ASS?
Risicofactoren bij de ouders, tijdens de zwangerschap en na de geboorte, zoals stress en een afstandelijke opvoeding.
Genetische aanleg in combinatie met een streng straffende opvoedingsstijl van de ouders.
Genetische aanleg van het kind en prenatale programmering.
Op wie zijn de interventies en trainingen gericht als bij een jong kind ASS is vastgesteld?
Op het gehele gezin, dus ook eventueel de brusjes.