Start.nl - deel 1

Word list: A-Z

Here you find a complete word list with the English translation, context sentences and audio fragments. This list contains the words of the vocabulary lists in the book and is in alphabetical order.
  

Word list - U
 

u (1)
you (formal)
Dag, mevrouw. Hoe gaat het met u?

uit (1)
from
Kom je uit Nederland?

uit eten gaan (9)
to go out for dinner
We gaan uit eten in dat nieuwe restaurant.

uitchecken (6)
to check out
Vergeet niet uit te checken als je uit de bus stapt.

uiterlijk, het (3)
appearance, the
Ze doet veel aan haar uiterlijk. Haar make-up en haren zijn altijd perfect.

uitgaan (4)
to go out
Zullen we zaterdagavond in Amsterdam uitgaan?

uitgang, de (5)
exit, the
Wil je naar buiten? Daar is de uitgang.

uitlaten (de hond -) (4)
to walk the dog
Je moet drie keer per dag de hond uitlaten.

uitleggen (10)
to explain
Ik begrijp het niet. Kun je het nog een keer uitleggen?

uitnemen (6)
to take out
Neem uw bankpas uit.

uitnodiging, de (5)
invitation, the
Ik heb een uitnodiging voor een feest volgende week.

uitslapen (4)
to sleep late
In het weekend slaapt hij uit. Door de week moet hij vroeg opstaan.

uitspraak, de (3)
pronunciation, the
De uitspraak van het Nederlands is soms moeilijk.

uitstappen (6)
to get out
Chauffeur, waar moet ik uitstappen?

uitstekend (1)
excellent
Je hebt de opdracht uitstekend gedaan. Heel goed.

uittrekken (7)
to take off
Ze heeft het warm. Ze trekt haar jas uit.

uitzoeken (10)
to choose, to select
We zoeken een goedkoop hotel uit.

universiteit, de (4)
university, the
Aan welke universiteit studeer je?

uur, het (4)
hour, the
Het college duurt een uur; het is van twee tot drie uur.